Zakelijke vergunningverlening en optimale dienstverlening is de ambitie die ook in 2018 centraal staat. Het doel: burgers en bedrijven hebben duidelijkheid, eenvoud, gemak, inzicht en overzicht. De insteek is klantwaarde omhoog, verspilling eruit. Naast de 6 eerdergenoemde programma’s op het gebied van toezicht heeft de ILT hiervoor nog eens 2 programma’s ingericht.

Start met 4 vergunningsstromen

De ILT komt van ver qua dienstverlening en vergunningverlening; de processen zijn zeer verschillend ingericht en de mate van digitalisering is zeer gevarieerd en allerminst ‘up to date’.

In 2018 is verder gegaan met het herontwerp van de vergunningverlening. Dit is een in apart programma ondergebracht.

Het begint met het vereenvoudigen van 4 omvangrijke vergunningsstromen: de certificaten voor de scheepvaart, de registratie van luchtvaartuigen, de registratie van spoorvoertuigen en de vergunningen voor machinisten. De ILT bracht verbeteropties in kaart en vertaalde deze naar quick wins. Dit zijn verbeteringen die binnen vergunningverlening doorgevoerd kunnen worden zonder investeringen. Denk aan het schrappen van administratieve stappen, het verbeteren van de communicatie via de website en het aanpassen van aanvraagformulieren. De volgende stap, de implementatie was lastiger. Toch is het gelukt om de quick wins eind 2018 door te voeren.

Nog 4 vergunningsprocessen verbeterd

Medio 2018 zijn 4 andere, complexe vergunningsprocessen onder de loep genomen. Het gaat om de jaarlijkse keuring en certificering van een schip, de aanvraag voor een AOC (Air Operator Certificate) luchtvaart, de aanvraag voor vergunningverlening van spoorvoertuigen (in relatie tot het vierde spoorwegpakket) en een aantal processen binnen de leefomgeving. Deze opdracht was ingewikkelder. Bij de analyse van deze processen ligt de nadruk op het selectief en risicogericht handelen bij vergunningverlening. Daarnaast komen bij het doorlichten van de processen ook verspillingen, doorloop- en wachttijden en klantencontactmomenten aan de orde. Net als bij de eerste lichting betrekt de ILT de aanvragers bij de analyse om verbetermogelijkheden in kaart te brengen. In 2019 gaat de ILT hiermee verder.

Digitale aanvraagformulieren

In 2018 zijn de eerste meldingen en aanvraagformulieren gedigitaliseerd. Het gaat om bodem, legionella, afval en drones. Ook zijn de eerste standaardscenario’s voor het gebruik en besturen van drones gerealiseerd. Verder is een start gemaakt met ondersteunende applicaties voor het vergunningsproces. Het optimaliseren van de ICT leidt tot minder kosten en meer gemak voor zowel medewerkers als aanvragers. Het biedt inzicht in de voortgang van het vergunningsproces voor aanvragers. Voor het proces van selectief vergunnen is het noodzakelijk dat de ILT over passende en slimme systemen beschikt.

Inspecteurs aan het woord
Met drones kan veel misgaan

“Bedrijven verwachten dat ze met drones een gat in de markt hebben gevonden, maar dat valt soms tegen.”

Inspecteur Vergunningverlening luchtvaart

Wat is er in 2018 gebeurd?
“We hebben in 2018 veel vragen gekregen van bedrijven die met hun drones meer willen dan wettelijk is toegestaan. Als het om drones gaat, zijn er allerlei beperkingen. Je mag bijvoorbeeld met je drone niet boven een stad of dorp vliegen. En ook niet in een plaatselijk luchtverkeersleidingsgebied. De meeste bedrijven in de dronewereld leggen zich daar niet bij neer. Ze willen geld verdienen met hun drone. Maar dat is nu net het probleem, dat is lastig. Ze vragen ontheffingen aan in de hoop dat ze daardoor wél geld met hun drone kunnen verdienen.”

Wat heeft de ILT gedaan?
“We hebben in 2018 een zogenaamd werkscenario gemaakt voor bedrijven die drones gebruiken. Dit is een overzicht van de voorwaarden waaronder je drones kunt gebruiken. We zijn samen met de sector om de tafel gaan zitten. We hebben alle bijzondere vragen van bedrijven in kaart gebracht. Vervolgens hebben we de risico’s geïnventariseerd en op een rij gezet hoe je die verkleint zodat ze acceptabel zijn. Zo zijn de eerste twee werkscenario’s opgesteld.”

Waarom is dit belangrijk?
“Met drones kan veel misgaan. Bijvoorbeeld dat je ‘m op je hoofd of door je dak krijgt, dat een drone door de voorruit van je auto vliegt of tegen een vliegtuig of helikopter. Als inspectie willen we voorkomen dat het echt misgaat. Nog een reden waarom we dit doen: in 2020 komen er Europese regels. Met onze aanpak lopen we daarop vooruit.”

Hoe reageert de sector?
“Enthousiast. Deze aanpak creëert mogelijkheden in plaats van beperkingen. Het geeft ook duidelijkheid. Bedrijven kunnen voor zichzelf uitrekenen of het de moeite waard is om te investeren.”

Wat leer jij hiervan?
“Dat het handig is om met de sector zelf te overleggen. Ik krijg meteen feedback op mijn voorstellen en vice versa. Allerlei aannames worden meteen weggenomen. Dat is leerzaam en ik kan het iedereen aanbevelen.”

Snelle vergunning

In 2018 zet de ILT een grote stap met risicogericht vergunningverlenen. Bij vergunningverlening, voor bijvoorbeeld internationaal afvaltransport (EVOA), toetst de ILT repeterende vergunningen zonder groot milieurisico alleen op hoofdlijnen. Dit gaat over jaarlijks vergelijkbare uitvoer van afvalstoffen naar dezelfde verwerker. Deze aanpak wordt in samenwerking met de autoriteit van het ontvangende EU-lidstaat uitgevoerd. In 2018 is bij de eerste 2 bedrijven met repeterende vergunningen samen met de betrokken autoriteiten een audit uitgevoerd. De resultaten van deze audits laten zien dat deze aanpak goed werkt. Bovendien blijkt de aanpak voor de betrokken bedrijven een extra prikkel tot kwaliteitsborging te vormen.

Daartegenover is er intensief aandacht voor aanvragen van bedrijven of voor stromen die in het verleden een groter milieurisico vormden, bijvoorbeeld door geconstateerde overtredingen. De ILT voert daarbij ook reality checks uit.

Programma Regie en Toezicht op externe productie en relaties

Naar aanleiding van vragen over het functioneren van het stelsel van uitbesteding en toezicht is de ILT een programma gestart om beter in control te komen ten aanzien van deze werkzaamheden. Dit zijn werkzaamheden die hoofdzakelijk door private partijen zoals certificerende instellingen worden verricht maar waarvoor de minister uiteindelijk verantwoordelijkheid draagt. De vragen zijn voornamelijk terug te voeren op de resultaten van de Fyra-enquêtecommissie en het rapport van de Onderzoeksraad voor Veiligheid over het ongeval met het zeilschip Amicitia en de Boordcomputer taxi (BCT). Ook sluit het programma aan bij de kabinetsreactie naar aanleiding van het fipronilrapport.

Het doel van het programma is drieledig:

  1. De ILT heeft zicht op de ontwikkelingen in de markt, kan op elk moment een actueel beeld van de uitbestede werkzaamheden en de keuzes in het toezicht produceren.
  2. De ILT heeft regie op de uitvoering van het stelsel van uitbestede werkzaamheden en stuurt zo nodig bij.
  3. De ILT is in control op het volledige pakket van uitbestede werkzaamheden.

Het programma loopt tot eind 2019. Het bestaat uit 6 projecten waarmee de ILT de volgende onderdelen wil realiseren:

  • Een sluitende inventarisatie van alle instellingen
  • Een gegroepeerde ordening van deze instellingen
  • Een risico-indeling naar het effectgebied waar deze instellingen werkzaam zijn
  • Een differentiatiemodel voor het toezicht dat rekening kan houden met de gelopen risico’s voor de maatschappij en de ILT
  • Een interne werkwijze van aanvraag tot audit
  • Een voorstel voor een het opnieuw ijken van relaties.

In 2018 zijn 4 van de 6 projectgroepen gestart. In het 1e kwartaal van 2019 worden de 1e projecten afgerond.

Noord/Zuidlijn Amsterdam

In juli 2018 is de Noord/Zuidlijn in Amsterdam geopend. Deze metrolijn verbindt Noord- en Zuid-Amsterdam met elkaar. De ILT is vanaf het begin betrokken bij dit ambitieuze project. De vergunning kan namelijk pas worden verleend na een schriftelijke verklaring van de toezichthouder waarin is beschreven in hoeverre de lokale spoorweginfrastructuur voldoet. Alle stappen van de bouw en de indienststelling zijn van dichtbij gevolgd. In de loop van het project zijn de wettelijke kaders waarbinnen de ILT haar werkzaamheden moet uitvoeren veranderd. De verantwoordelijkheden zijn verschoven van de centrale overheid naar de decentrale overheid. Dit heeft gevolgen gehad voor de onderlinge verhoudingen en processen, maar niet voor de uiteindelijke taak van de ILT: het geven van een gefundeerd oordeel over de veiligheid van het metrosysteem in technisch en operationeel opzicht.
 

Hoe veilig is de nieuwe metro?
Bij de nieuwe metrolijn is gekozen voor een nieuw beveiligingssysteem. Dit maakt het mogelijk dat er meer metro’s per uur rijden en dat de metro in de toekomst zonder bestuurder kan rijden. Beveiligingssystemen, zeker als het nieuwe ontwikkelingen betreft, zijn bij uitstek focusgebieden van de ILT. Toch houdt het daar niet op. Alle nieuwe systemen kenmerken zich door het feit dat ze net iets anders werken dan oorspronkelijk bedacht. Om dit te compenseren, worden vaak procedurele maatregelen genomen, bijvoorbeeld via extra instructies in de handboeken. Voor de ILT is het dan steeds de vraag of dit een risico voor de veiligheid is: zullen de betrokken personen in staat zijn deze extra instructies correct en veilig uit te voeren, ook in stresssituaties?

Mede op aandringen van de ILT is er in Amsterdam gekozen voor een lange periode van testen en proefrijden. In het testbedrijf zijn alle technische systemen getest, in het proefbedrijf kregen de medewerkers trainingen en oefeningen met verstoringen, zelfs met proefpassagiers. De ervaringen met het proefbedrijf hebben een belangrijke rol gespeeld bij het uiteindelijk soepel in gebruik nemen van de lijn.